SV De Baronie 1 tegen Bergen op Zoom (BSV) 1
Zaterdag 7 maart was het weer een speeldag van de KNSB Zaterdag competitie. Altijd een enerverende schaakmiddag, dit maal in ons eigen ‘honk’. BSV is een grote vereniging, met de jeugd er bij schat ik zo’n 120-130 leden, net als wij dus groot! Hun eerste team is een sterk team, gemiddelde rating over de 2000 ELO punten. Onze tegenstanders waren er op tijd zodat we na even wachten op de tegenstanders van ons tweede team, rond één uur konden beginnen, niet nadat ik enige woorden over Jan Timman had gezegd, die ons helaas een paar weken gelden is ontvallen. Deze Nederlandse schaakgrootmeester was een icoon en een enorm talent, 7 keer Nederlands kampioen geweest, in 1993 tweede van de wereld en niet voor niets de ‘best of the west’ genoemd tussen grootheden zoals Karpov en Kasparov. De indeling van onze wedstrijd staat hieronder.
Na een uurtje spelen, zag ik dat onze invaller, Charles de Rijk aan bord 8 er goed voor stond en na ruim twee uurtjes kon hij het volle punt pakken tegen Ger IJzermans. OK 200 punten ratingverschil, dus het mocht ook wel, maar dan moet je het nog steeds even waarmaken natuurlijk. En Charles deed dat subliem. Hij schreef er zelf het volgende dover:
“Ik begon met 1.e4, waarna zwart voor de Caro-Kann koos. Het werd echter geen groot theoretisch duel, want zwart speelde het wat passief. Daardoor kon ik al snel druk zetten op de koningsvleugel. Na negen zetten stond ik eigenlijk al erg prettig. Kort daarna won ik twee pionnen en op zet 24 volgde ook nog stukwinst. Dat was voldoende reden voor mijn tegenstander om de hand te schudden.”
Een van de weinige partijen waar ik zelf even goed heb kunnen kijken en inderdaad Charles, mooi gedaan. Stand 1-0 rond de klok van 1500. Vlak daarna maakte Jasper remise. Eigenlijk niet een echt opzienbarende partij vond ook Jasper, alhoewel ik toch dacht dat hij ergens in de partij wat beter stond, maar of het genoeg zou zijn voor de winst is natuurlijk nog te bezien, zeker met een pion minder. Jasper was in eider geval er van overtuigd dat remise een goede uitslag was en schreef er het volgende over.
“Wit ging voor de London opening waar ik gelijk een stokje voor stak door op de tweede zet c5 te spelen. Hij sloeg en daarmee was een London opstelling met de bekende pionnendriehoek (e3 – d4 – c3) niet meer mogelijk. Ondanks dat speelde hij daarna toch de normale London zetten waardoor ook ik rustig kon ontwikkelen. Na die normale zetten besloot wit echter tot b4 waardoor de c3 pion een achtergebleven pion werd. Ik probeerde op die c3 pion te spelen maar wit joeg mijn paard naar de rand op a5 waar die niet echt lekker stond maar gelukkig kon wit hem daar ook niet echt aanvallen. Daarna begon het gemanoeuvreer met de stukken en wit leek langzaam een licht voordeeltje te krijgen. Ik moest op het einde voor zetherhaling gaan anders kwam ik minder te staan. Wit hoefde daar niet in mee te gaan maar deed dat toch waarna we tot remise besloten. Volgens de computer heb ik ergens een scherpe voortzetting gemist. Door een schijnpionnenoffer had ik juist een klein voordeeltje kunnen krijgen. Ik had wel naar dat soort zetten gekeken maar had helaas net niet diep genoeg gerekend en zag niet hoe ik mijn pion terug kon krijgen dus durfde niet voor die scherpe variant te gaan.”
Tja, Jasper een remise is natuurlijk geen slechte uitslag als je zelf niet overtuigd bent van de partij. Goed gespeeld en de stand is 1½ – ½ in ons voordeel.
Tot dat moment had ik een beetje een gevoel van “goh, kunnen we er wellicht een gelijk spel uit peuren? Want ik was er van overtuigd dat ik remise kon afdwingen, Bas stond beter, Bibi minder, Rob minder en Carlos en Philippe leken niet slecht te staan……
OK, mijn remise kwam er aan. Laat ik daar kort over zijn. Ik kwam goed uit de opening, Klassieke Konings Indisch, redelijk in de theorie tot en met de 11de zet van wit, daarna een vroege h6 van zwart en ik speelde gewoon te snel daar. Ipv eerst zelf h3 te spelen om het veld g4 onder controle te houden, speelde ik meteen f4 om een open lijn te gaan creëren en overzag dat zwart met Pg4 meteen mijn goede loper op e3 kon ruilen, want ik had d e dame op d2 staan. Stom gewoon. Hoe vaak heb ik onze leerlingen niet gezegd, als je denkt dat je een goede zet hebt, kijk dan voor je zet, nog eens goed naar het bord. De rest is geschiedenis, door een andere stommiteit kwam ik nog een pion achter en heb ik alles uit de kast moeten halen om alles te neutraliseren in een eindspel met lopers van ongelijke kleur en beide nog een paard, dat uiteindelijk werd afgeruild. Tja, toen was het ook wel remise en mijn tegenstander Toni Peleman nam daar ook genoegen mee. Stand 2-1 voor ons en toen ik met Toni onze partij aan het analyseren was kwam Bas aangelopen om aan te geven dat hij gewonnen had. Bas zijn relaas is het volgende:
“Aan bord 3 zat ik met de zwarte stukken tegen Kiran Vanbrussel. Een jonge knaap van 17 jaar die in het afgelopen jaar wel meer dan 200 Fide-ratingpunten erbij heeft gekregen en daarmee 2000+ is betreft zijn Fide-rating. Zeker niet iemand om te onderschatten, maar ja, mij moet je met de zwarte stukken ook niet onderschatten. De opening kwam op een gesloten Siciliaans met 3. Lb5, iets wat me aan Jari doet denken. Ook hij speelt dit met de witte stukken, dus gelukkig wist ik wat theorie. De witte loper van wit werd uiteindelijk weggejaagd met a6 en zocht onderdak op het gezellige d3-veld. Toch, je loper op c1 is nu ingemetseld samen met de toren, dit kan je later in de partij zuur komen te staan. Aangezien beiden kanten al kort hadden gerokeerd en wit met twee stukken in onderhoud speelde, besloot ik erg agressief op de koningsvleugel te werk te gaan. Bij deze agressie hoort ook een offer in welke vorm dan ook. Een belangrijk uitgangspunt is dat men best kan offeren voor initiatief en verdere en versnelde ontwikkeling, zo werd er in onderstaande stelling door mij Le6!! gespeeld.
Een offer van je paard, maar met Tf8 en tempo op de dame, is er dodelijke aanval op de witte koning. Mijn tegenstander accepteerde mijn offer en dacht weg te komen met de positie in onderstaande stelling.
Maar toch, hier komt de beste zet, misschien wel uit mijn schaakcarrière over het bord, Dh4!!!!!. Een loper offeren MET schaak, maar er zijn te veel dreigingen voor wit om op te lossen. De berekeningen zijn voor jezelf, neem bijvoorbeeld na Lxe6+ Kg7 Lf5 De1+ Df1 Lh2+ Kxh2 Dxf1. Mat volgde al snel, dus “kids” de volgende les moet je meenemen: “Ontwikkel je stukken, anders gebeuren er nare dingen ????”.
Ok Bas, ik kan niet anders zeggen dat dit er wel heel fraai uitziet en dat je dat goed hebt uitgespeeld. Prachtig. Het lijkt er op, ook als ik intern kijk, dat je jouw oude vorm weer helemaal hebt opgepakt. Stand 3-1…………… vier partijen te gaan, we gaan ze toch niet alle vier verliezen?
Nou, de eerste 0 kwam er snel aan. Ik zag Rob op me afkomen en hij gaf aan dat hij het niet droog had kunnen houden tegen zijn tegenstander Arben Dharda die zo’n klein 300 ELO punten meer heeft. Rob is er kort over:
“Mijn tegenstander was A. Dharda, die ietsjes later binnenkwam. Ik kreeg het midden gambiet tegen. Doordat ik verzuimde om op het juiste moment de pion op e4 te slaan, kreeg ik een gedrongen stand. De tegenstander kon zijn stukken optimaliseren, ik had ruimtegebrek. Toen wit met zijn pionnen naar voren kwam op de koningsvleugel was de aanval die hij kreeg beslissend. Ik ging minstens een stuk verliezen. De fout om niet op e4 te nemen op de 8e zet heb ik op geen enkele wijze nog kunnen herstellen.”
Jammer Rob, tja, het eerste bord is natuurlijk altijd een zware dobber en bord 2 ook tegen een team als BSV 1. Stand 3-2 en daar kwam Carlos van bord 2….. ook mis. Carlos gaf aan: “Mijn tegenstander van zaterdag overspeelde mij in het middenspel. Ik kwam goed uit de opening, maar gaf zijn stukken te veel vrijheid, en hij ontwikkelde tegenspel op de damevleugel. In een Stonewall achtige stelling kon hij zijn probleemkind, de loper op c8, omspelen via a6, naar d3 en daarna naar e4. De loper was nu het sterkste stuk van het bord. Er kwamen penningen in de stelling en toen mijn tegenstander de torens erbij kon halen was het snel afgelopen.” Stand 3-3 en Bibi zag er helemaal niet goed uit tegen de ‘oude rot’ Marcel van Herck.
Bibi schrijft er over: “Ik dacht laat ik eens een keer niet d5 spelen op d4, dus kreeg ik het geweldige idee om spontaan f5 te spelen. Nou, na drie zetten wist ik het al niet meer en wit kreeg al vrij snel het initiatief met veel meer ruimte. Dus toen maar in de verdediging, maar mijn tegenstander speelde vrijwel foutloos, waardoor ik mijn stukken nauwelijks kon ontwikkelen en niet echt goede zetten kon doen. Uiteindelijk maar opgegeven met een toren achter.”
Ja, ik heb er veel van gezien Bibi, we zaten tenslotte naast elkaar. Inderdaad van begin an aan heeft de ontwikkeling op de koningsvleugel een optater gehad. Loper op f8 en toren op h8 hebben te lang gewoon niet meegedaan, eigenlijk net zoals bij de tegenstander van Bas de loper op c1 en de toren op a1 niet meededen. Het is jammer gewoon Bibi, je kunt beter en dat weten we allemaal. Advies: niet meer experimenteren met een opening die je niet hebt voorbereid. Stand 3-4 nu, in ons nadeel.
En dan speelt alleen Philippe nog. Moeilijke stelling, teveel onder druk met wit en niet echt mogelijkheden om er uit te komen. Maar je hebt er alles aan gegeven Philippe en tja, “je kunt niet altijd winnen” ????. Philippe schreef er over:
‘Ik was een beetje zenuwachtig opgeklommen te zijn tot bord 4 en moest het tegen een 2090 speler opnemen. Alles verliep goed met wit tegen zwart’s Hollands, en mijn lievelingsopstelling leidde al snel tot ruimtewinst en +2 volgens Stockfish. We staken beiden echter veel tijd in de opbouw…..en mijn zetten 18 ,19, 20 en 21 waren volgens Stockfish niet zo best, uitbouw van voordeel was mogelijk geweest (kwam neer op zetvolgorde). Gevolg: nu stond zwart +2, ik stond redelijk vastgenageld op mijn koningsvleugel. Er volgden zetherhalingen, zwart wist kennelijk de weg vooruit niet zo snel te vinden. Bij een van de zetherhalingen, op zet 39, hadden we beiden niet door dat pion h4 van zwart in stond. Had ik die gepakt, was remise de waarschijnlijke uitslag geweest (opgemerkt door Rob van Berkel, achteraf bevestigd door Stockfish). Vanaf zet 29 speelden beiden vnl. op increment. Op zet 49 staakte ik de strijd, er was geen houden meer aan. Bekend patroon? Teveel tijd gestoken in ‘perfecte openingsopbouw’ en bij strijd in het middenspel wat tijd tekort..…. ”
Ja, dat is waar Philippe. “Perfection is the mother of all screw ups”, zei ik vroeger altijd en ik geloof daar nog steeds in. Eindstand, 3-5 en BSV1 gaat met een overwinning naar huis toe.
Jammer team, maar we zijn niet van het bord geveegd en laten we eerlijk zijn, deze hadden we ingecalculeerd. Proficiat aan onze schaakvrienden uit Bergen op Zoom en wij gaan gewoon op voor de laatste twee ronden, de inhaalwedstrijd tegen Zierikzee en dan de laatste wedstrijd tegen Sas van Gent. Team bedankt voor jullie inzet, volgende keer beter!!
Jo Godderij TC Team 1 tevens Vz SV De Baronie.
Deel dit bericht



